Boeddhisme – Transcendentie van lijden

Boeddha werd geboren rond 600 B.C. als Siddhartha Gautama, een prins van de Sakya clan in het Noordoosten van India aan de voetheuvels van de Himalayas.

De Vier Nobele Waarheden
De essentie van Boeddha’s teachings is gecondenseerd in de Vier Nobele Waarheden.
De Vier Nobele Waarheden zijn: Lijden bestaat, er is een oorzaak voor lijden, er is een einde aan lijden, er zijn middelen om lijden te beëindigen.

Lijden bestaat

Boeddha ontdekte door diepgaand onderzoek dat niet alleen hoge leeftijd, ziekte, maar het leven zelf lijden is.
Geboorte, wensen, wanhoop, frustratie, neerslachtigheid, emoties en het falen in verlangde pogingen zijn allemaal bronnen van lijden.
In het kort, alles wat is geboren uit hechting is misère, verlangen naar tijdelijke, wereldlijke objecten leidt tot een lange keten van lijden.
Al de sensuele geneugten waar mensen naar verlangen en naar streven te verkrijgen zijn absoluut kortstondig en die eindigen in uitputting en teleursteling. In plaats van bevredigd te worden door het verkrijgen van wereldse objecten, komt men in de grip van een never-ending keten van ontevredenheid en toenemend verlangen dat de hoofdoorzaak is van meerdere soorten pijn en misère.

Er is een oorzaak voor lijden
Boeddha ontdekte de oorzaak van lijden, die hij beschrijft als een keten zonder begin of einde. Elke oorzaak heeft een effect/gevolg, die weer een ander oorzaak wordt, zodoende is er een ongebroken flow van effecten en oorzaken. Deze theorie van causatie is bekend als pratityasamatpada. Volgens deze theorie is niets onconditioneel, het bestaan van alles is afhankelijk van bepaalde condities. De series van oorzaak en gevolg van lijden is beschreven als de twaalf-gelinkte keten van causatie genaamd dvadasanidana.
De links in de keten zijn:
Avidya – onwetendheid
Samskaras – oude impressies
Vijnana – initiële bewustzijn
Namarupa – body/mind organisme
Sadayatana – vijf cognitieve zintuigen en de mind
Sparsa – contact van de zintuigen met objecten
Vedana – voorgaande zintuigelijke ervaring
Trsna – dorst naar genieten
Upadana – mentaal vastklampen
Bhava – wilskracht iets te worden
Jati – geboorte
Jaramarana – hoge leeftijd en dood
Om de causale relatie uit te leggen kan men terugwaarts keren startend vanaf de geboorte. Indien men niet geboren was, zou men niet subject zijn van de miserabele condities van het leven.

Mentaal vastklampen aan objecten van de wereld is hoofdoorzaak voor het verlangen weer geboren te worden.
Mentaal vastklampen is er omdat mensen een dorst of verlangen hebben van wereldse objecten te genieten, zijnde zicht, geluiden, smaken, geuren en aanraking. Dit verlangen komt voort uit voorgaande zintuigelijke ervaringen.
Dit verlangen is niet mogelijk als er geen contact is geweest van de zintuigen met objecten.
De zintuigen zijn afhankelijk van body en mind, daarom draagt de gecombineerde staat van body en mind het ontvankelijk wezen van de mens.
Wat is de oorzaak van het body/mind organisme? Dat is bewustzijn.
Bewustzijn stamt af en identificeert zichzelf met het embryo lichaam, omdat het onder invloed is van voorgaande impressies verzameld in voorgaande levens. De impressies van oud karma zijn verantwoordelijk voor het aanzetten van bewustzijn om het wiel van leven te bewegen.
Wat is de oorzaak van deze oude impressies? Onwetendheid is hoofdoorzaak van inprenting van impressies op het beeld van bewustzijn.
Volgens Boeddha, wanneer een persoon de wet van verandering en de constante flow van bewustzijn (vijnana) vergeet, begrijpt hij dingen alsof ze permanent zijn en word hij mentaal verbonden met deze externe objecten. Deze hechting, geboren uit onwetendheid, veroorzaakt alle pijn en misère die men ervaart, en is bekend als jaramarana (hoge leeftijd en dood).
Deze twaalf-voudige cyclus van oorzaak en gevolg wordt compleet totdat men leert hoe men het kan doorbreken. Het proces van disconnectie wordt in detail uitgelegd in Boeddha’s uiteenzetting over de Vier Nobele Waarheden.

Er is een einde aan lijden
Deze derde waarheid affirmeert dat lijden in het leven vrijwillig onder zijn/haar controle kan worden gebracht.
Al het lijden is aanwezig, omdat de twaalf ketens van de causale ketting en hun effectieve kracht het is resultaat is van de eigen betrokkenheid in ze. Als men zichzelf weghoudt van de condities die lijden uitnodigen, dan zal er geen lijden meer zijn. De staat die vrij is van condities heet nirvana.
De methode van het uitdrogen van het zaad van verlangen is de materie van de Vier Nobele Waarheden. Perfecte controle van de passies en constante contemplatie van de Waarheid leidt een persoon geleidelijk naar de staat van perfectie en wijsheid, waar de wereldse attachment ophoudt. Dat is de staat van Buddhatva (Buddha-hood) of nirvana. Degene die vrij is van alle bindingen is een bevrijd persoon.

Er zijn middelen om lijden te beëindigen
Buddha gaf een complete en systematische gids voor het bereiken van de staat van nirvana en zijn weg van sadhana (pad tot verlossing) bestaat uit acht verschillende onderdelen.

  1. Juiste opvattingen (samyagdrsti). Avidya (onwetendheid) is het begin van de flow van consequenties.
    In het dagelijkse leven kan onwetendheid benoemd worden als misverstand of verkeerde visie (mithyadrsti) met betrekking tot zijn/haar visies met de objecten van de wereld.
    Speciaal hier wordt juiste opvatting gebruikt in de zin van correcte kennis over de Vier Nobele Waarheden. Kennis verwijst naar bewustzijn van imperfecties en vergankelijkheid van de wereld en van een persoon zijn relatie ermee.
  2. Juist voornemen (samyaksampkalpa). Juist voornemen betekent solide besluitvaardigheid zijn leven uit te voeren in het licht van de waarheid, zodat door beoefening van deze tweede trede in het achtvoudige pad, een student afstand moet doen van zijn hechtingen aan de wereld, opgave van alle gevoelens aan anderen en ophouden met het aanbrengen van pijn aan anderen. Deze mentale reformatie kalmeert de fluctuaties van de mind en zorgt ervoor dat de mind naar binnen keert.
  3. Juiste spraak (samyagvak). Juist voornemen moet gecoördineerd worden met correcte spraak hetgeen van alle humane gedragingen het hoogste vehikel van communicatie is. Juist voornemen gevolgd door correcte spraak is een systematische manier om geweldloosheid en oprechtheid te beoefenen.
  4. Juist gedrag (samyakkarmanta). Juist voornemen gekoppeld aan correcte spraak leidt natuurlijkerwijze tot de volgende stap; waarheid opgelost in de mind en gesproken met de tong moet worden uitgegeven in actie. Juist gedrag includeert vijf geloften (Pancasila): geweldloosheid, waarheidslievendheid, niet-stelen, non-sensualiteit (celibaat) en niet-bezitterigheid. Deze vijf geloften moeten worden gepraktiseerd met juist voornemen, juiste spraak, en juist gedrag. Deze drie ledematen op het achtvoudige pad van bevrijding zijn de fundering van morele en ethische teachings van Boeddha.
  5. Juist levensonderhoud (samyagajiva). Iedereen met een lichaam heeft lichamelijke behoeften die moeten worden verstrekt anders kan het een groot obstakel vormen in zijn/haar externe en interne groei. Daarom benadrukt Boeddha juiste (eerlijke) levensonderhoud die niet schade brengt of interfereert met andermans leven en sociale harmonie niet verstoort.
  6. Juiste inspanning (samyagvyayama). Juiste inspanning is een constant streven morele als spirituele vooruitgang te handhaven door uitbannen van negatieve gedachten en assimilatie van positieve gedachten. Constante inspanning oude, negatieve gedachten te ontwortelen en voorkomen dat nieuwe negatieve gedachten zich vormen is zeer belangrijk op het pad van spiritualiteit.
  7. Juiste mindfulness (samyaksmrti). Bij het reviewen van de eerste zes stappen wordt het duidelijk dat elke moet worden onthouden met full-mindedness. Alle praktische disciplines leggen de nadruk op mindfulness voor hogere verworvenheden in wereldse als eeuwige leven en deze mindfulness zou beoefend moeten worden in het licht van deze kennis.
  8. Juiste meditatie (samyaksamadhi). Degene die leeft volgens de eerste zeven stappen en geleidelijk zichzelf bevrijdt van alle verlangens en misverstanden versterkt/wint emotionele rijpheid. Hij/zij is gereed voor de innerlijke reis. Deze innerlijke exploratie van bewustzijn vormt de finale stap op het Achtvoudige Pad.
    Volgens Boeddha zijn er vier stadia van meditatie: a. concentratie van pure, zuivere onverstoorde mind op redenering en onderzoek met betrekking tot waarheid. b. In de tweede fase worden twijfel en verwarring compleet verdreven en de mind van de student is perfect gevestigd in de Vier Nobele Waarheden. Vreugde, vrede en innerlijke kalmte geboren uit meditatie worden beschouwd als objecten van meditatie. c. Door intense en diepe meditatie overstijgt de student zelfs de vreugde van concentratie en rust en er is onverschilligheid t.o.v. zulke vreugde. d. State-of-mind waarbij gevoel van lichamelijke existentie en geluk van vreugde van gelijkmoedigheid ophouden. Staat van nirvana – staat van perfecte wijsheid.

Bijzonder interessant is het dat de vier waarheden van Sankhya zoals beschreven in de Sankhyapravacanabhasya zeer vergelijkbaar zijn met de Vier Nobele Waarheden beschreven in het Boeddhisme.

Bron: Seven Systems of Indian Philosophy – Pandit Rajmani Tigunait PhD

Leave a Reply

You must be logged in to post a comment.